In 1932 brak er een echte oorlog uit in West-Australië. Het leger vocht tegen emoes, vogels die grote schade aanrichtten aan de gewassen. Deze strijd, bekend als de "Emoe-oorlog", eindigde...
In 1932 brak er een echte oorlog uit in West-Australië. Het leger vocht tegen emoes, vogels die grote schade aanrichtten aan de gewassen. Deze strijd, bekend als de "Emoe-oorlog", eindigde verrassend genoeg: de mensen verloren.
De operatie stond onder bevel van majoor G.P.W. Meredith. Hij had orders ontvangen van de minister van Defensie en beschikte over drie soldaten en twee Lewis-machinegeweren. Hun doel: 20.000 emoes vernietigen die naar het gebied rond Campion waren getrokken.
De emoes bleken ongelooflijk sluw. Ze verspreidden zich in kleine groepjes en ontweken zo het machinegeweervuur. In de eerste zes dagen werden 2500 patronen verschoten, maar slechts 300 vogels gedood. Dit is een opmerkelijk laag resultaat.
Het conflict ontstond door een droogte waardoor emoes de akkers van de boeren binnendrongen en de tarwe vernietigden. De boeren, van wie velen veteranen waren uit de Eerste Wereldoorlog, deden een beroep op het leger voor hulp. In december 1932 trokken de troepen zich terug en verklaarden de missie mislukt.
Uiteindelijk meldde majoor Meredith dat hij 986 emoes had gedood met meer dan 9800 kogels. Dat is ongeveer 10 kogels per vogel. De mens verloor, de natuur won. De emoes hadden hun Australische oorlog gewonnen.
Kies hoe je deze video wilt bekijken